Werkwoordstijden oefenen verleden heden toekomst
Een zin geeft een tijdsaanwijzing zoals gisteren, morgen of vroeger. Je kind kiest uit vier de passende werkwoordsvorm en leert verleden, heden en toekomst onderscheiden.
Probeer drie vragen
Thomas, ___ alsjeblieft de deur dicht!
Kijk, de zon ___ nu fel boven de zee.
Gisteren ___ wij heel hard om de clown.
Wat je kind oefent
- De juiste tijd kiezen
- Tijdsaanwijzingen in een zin herkennen
- Veelgebruikte werkwoordsvormen gebruiken
Ondersteunt werkwoorden en tijden in groep 6 tot 8 en de onderbouw van het voortgezet onderwijs.
Zo speel je
Er verschijnen vier vakjes. Tik op het goede. Zit je ernaast? Geeft niet, er komt een nieuwe vraag.